Heeft u vragen 06 - 100 72 209
30 klanten beoordeelden ons:
9.1 / 10

Home > Nieuws > De gekleurde kant boven

De gekleurde kant boven

14-03-2019

De gekleurde kant boven

Reizen zonder eindbestemming

‘Weet je hoeveel kilometers ik al had kunnen lopen.’ Met deze romantische woorden maak ik de liefde wakker. Het is ruim een week voor weer de eerste 50 kilometer, de Sallandtrail. Het is spannend. Het is heel spannend. Mijn gemoedstoestand en vertrouwen wisselt tussen het ‘meer willen lopen’, ‘rustig aan weer opbouwen’ en ‘hoe kun je zo vroeg in het seizoen alweer een 50 kilometer plannen’.

Het was vorig jaar alles behalve vanzelfsprekend dat mijn lichaam zich zo fit hield. Met ‘onmogelijk is ook maar een mening’ als uitgangspunt, werd het een hele mooie reis en wist ik ook dat ik verder wilde reizen. Reizen zonder eindbestemming. Maar zou het nog gaan? Zou ik de kilometers weer op kunnen pakken en er zo van kunnen genieten als dat ik vorig jaar deed?

Kilometers die het verschil maken

De stap naar weer de 40 + kilometers gaat niet vanzelf. Een paar flinke valpartijen – gelijk maar op dezelfde dag – confronteren me met de drukke maanden die achter me liggen en waar ik nu nog het staartje van mee pak. ‘De gekleurde kant boven houden’, het advies van de liefde is niet altijd uitvoerbaar. De manueel therapeut biedt redding na mijn concrete vraag: ‘Het maakt me niet uit wat ik moet doen, als ik maar 50 kilometer kan lopen’. Ze glimlacht en gaat aan het werk. Ze weet beter - haar man is zojuist gefinished bij de Legends Trails (250 kilometer) -, en verzekert me dat het goed komt.

De laatste ‘losloop’-10 kilometer op de dag voor de 50 kilometer laat me weer voelen hoe het is als je voor het eerst een 10 kilometer loopt. Ik stel mezelf gerust met een ‘die beroerde 10 heb ik alvast gehad’ en besluit maar eens wat uurtjes te gaan slapen.

Dubbele cijfers

De bakken met regen in de afgelopen week zijn een behoorlijk contrast met de vele zonuren in de eerste maanden en roepen bij mij een wantrouwen op. Aanhoudende regen bij een temperatuur onder de 10 graden – sowieso eigenlijk alles onder de dubbele cijfers – zorgt ervoor dat m’n lichaam om genade vraagt. Na verschillende onderkoelings-‘acties’ weet ik dat ik er serieus mee om moet gaan. M’n lichaamstemperatuur zakt als een malle in dit soort omstandigheden. M’n longen doen daar nog een schepje bovenop door ongevraagde en niet te reguleren pijnprikkels af te geven. ‘Restpijnen’ noemen de artsen dat. In elk geval iets dat je graag wilt missen.

50 kilometer

Een 50 kilometer en het is begin maart. Dat is vroeg. Erg vroeg in het seizoen. ‘Waarom ook alweer’, vraag ik aan m’n maatje Marjolein. ‘Omdat ik vroeg of je mee wilde’, was haar logische antwoord. Inderdaad klinkt dat als een goede reden en een motivatie waar ik iedere volgende keer weer een  ‘ja’ op zou zeggen. 

De dag begint goed. Ik ben op tijd in Nijverdal om de 50 mijl te zien starten, me rustig klaar te maken en wat bekenden te spreken.  

M’n maatje Marjolein is de afgelopen dagen ziek geweest en voelt zich beroerd, maar heeft besloten te starten. De eerste 25 km vliegen dan ook voorbij. We genieten van een prachtig parcours met mooie vergezichten en het smeden van nieuwe plannen.

Na 25 km (doorkomst start/finish) wil Marjolein een wat langere verzorgingstijd. We spreken af dat ik alvast door loop. Na het gedruis bij de verzorgingspost – een verzorgingspost is voor mij al snel een opeenstapeling van mensen en dus ‘te veel’ – kom ik weer op het parcours.

In de verte wat lopers. Omdat ik nog niet eerder een ree in een roze legging heb ik gezien, besluit ik dat het echt lopers moeten zijn. Ik kan me vinden in m’n eigen logica en geniet van m’n bubbel. Heerlijk, wat een rust zo na die verzorgingspost. De wereld is van mij. Als ik inloop op andere lopers, houd ik in. Ik wil het even zo houden. Genieten van de stilte.

De eerste regen kondigt zichzelf voorzichtig aan. Ik haal de eerste lopers in die het echt zwaar hebben. Het traject wordt grimmiger. De regen wil meer indruk maken en wordt agressiever. Nog maar 10 kilometer in deze regen. Het is te doen. Hoewel ik zelf moeite moet doen om niet alle energie in de warmtevoorziening van m’n lichaam te verliezen, overtuig ik onderweg nog wat lopers van de resterende korte weg te gaan.

Het lukt me om me beter warm houden dan vorig jaar. Dat is m’n voorzichtige conclusie. De wind is nog wel een vervelende in combinatie met de pijnprikkels vanuit m’n longen. ‘Geen alarm’ weet ik ondertussen. Dit is prima te doen.

Een heel mooi jaar

Ook de laatste 10 kilometer is uiteindelijk maar 10 kilometer. De onweer maakt dat er versneld wordt opgeruimd op het start/finish terrein. Marjolein wacht me op. Ze heeft toch nog 10 kilometer na haar stop bij de verzorging kunnen lopen. Een mooie training. Ze checkt me of ik ok ben en wacht op andere clubmaatjes.

In de warme zwembadhal tref ik euforische lopers, teleurgestelde lopers, tevreden lopers en berustende lopers. Ieder met z’n eigen verhaal, z’n eigen reis. Ik geniet. En ben blij. Heel blij!

50 kilometer aan inspiratie: Het is nu al een heel mooi jaar!